Interview met de auteur van de maand – Marion van de Coolwijk

Home / Nieuws / Interview met de auteur van de maand – Marion van de Coolwijk
Interview met de auteur van de maand – Marion van de Coolwijk
17/02/2026

De reacties op het clubboek van februari zijn boven verwachting. Nu weten wij natuurlijk allang dat Marion van de Coolwijk geweldige thrillers schrijft. Maar het is nog leuker om de enthousiaste reacties van onze strenge clubleden te lezen.

Reactie Kim de Bruijn: ‘Marion, wat heb je met Vlijmscherp een fantastische thriller geschreven. Ik heb genoten van het begin tot het eind. Spanning, intriges, verrassende plotwendingen, boeiende personages… het zit er allemaal in!’

Wij stelden Marion een paar vragen over haar boek Vlijmscherp. Lees je mee?

1. Je bent voor het eerst auteur van de maand. Hoe voelt dat voor jou?

Heel fijn. Ik ben er op thrillergebied 3 jaar uit geweest, dus dit is een mooie start weer.

2. Je nieuwe boek mocht nog niet meteen gedeeld worden in de club. Vond je het lastig om dat geheim te houden?

Jaaaaaa, heel lastig. Normaal gesproken geef je als auteur al weken voor verschijnen van het boek al teasers op de socials. Dat mocht nu niet. Maar ik las wel stiekem mee met alle berichten in de besloten CCClub, hoor.

3. De reacties in de club op ‘Vlijmscherp’ zijn ontzettend enthousiast. Veel leden hebben het boek al uit. Wat doet dat met je?

Dat vond ik zo fijn. Clubleden zijn echt thrillerliefhebbers en geoefende speurders, dus juist van hen zijn complimenten extra veel waard.

4. Tussen je boeken ‘Mama liegt’ en ‘Vlijmscherp’ zit behoorlijk wat tijd. Kun je vertellen waarom dat zo is?

Ja, soms vraagt het leven even pas op de plaats. Door mantelzorg en mijn werk als directeur van een educatieve uitgeverij was er even geen ruimte om een thriller te schrijven. Het verhaal zat al vanaf 2023 in mijn hoofd als een film die ik voor mij zag, maar het kwam er niet van. Tot vorig voorjaar. Toen kon het en heb ik het in enkele weken geschreven. Ik typ erg snel en volg met mijn vingers de beelden in mijn hoofd.

5. Wat is voor jou het allerbelangrijkste bij het schrijven van een thriller?

Zelf houd ik ook van thrillers, vooral als je moet puzzelen, speuren en dan toch nog verrast wordt door een goed plot of plottwist. Ik houd niet van ellenlange beschrijvingen of kabbelende verhalen. Dan haak ik af of blader ik door tot er weer iets gebeurt. Mijn boeken hebben dan ook veel cliffhangers en gebeurtenissen volgen elkaar snel op. Wellicht komt dat doordat ik ook ruim 250 kinder- en jeugdboeken heb geschreven. Ik schep met weinig woorden veel beeld.

6. Had je vanaf het begin al een duidelijk beeld van het einde van het verhaal, of heeft dat zich gaandeweg ontwikkeld?

Ja, mijn boeken beginnen met een idee dat zich vormt tot een film die ik ook echt voor me zie. Ik heb dus alles al voor me gezien en weet precies wat er gebeurt. Ik maak dan een mindmap per hoofdstuk wat er ongeveer gebeurt, knip plaatjes uit tijdschriften om de personen echt voor me te zien en ga dan pas schrijven. Eigenlijk is het dan een kwestie van de film volgen. Het bedenken gebeurt in mijn hoofd en duurt een tijdje. Het schrijven zelf kost de minste tijd.

7. Welk personage heeft je tijdens het schrijven het meest geraakt of verrast?

Ik wilde schrijven over een bepaald onderwerp, omdat dat aandacht verdient. Ik kan niet zeggen welke dat is, omdat ik dan de clou verraad. Maar daardoor leefde ik enorm mee met Billie die heel wat voor haar kiezen krijgt.

8. Zelf ken ik je al jaren van de serie ‘De Olijke Tweeling’. Heb je bij het schrijven van kinderboeken een andere aanpak dan bij thrillers?

Mijn schrijfstijl is best constant. Ik schrijf al 38 jaar jeugdboeken en pas 10 jaar thrillers voor volwassenen. Mijn leerpunt was dat volwassenen echt wat meer beschrijvingen willen en uitstapjes hier en daar die niets met de rode draad te maken hebben. In jeugdboeken ga ik heel bewust lineair op mijn doel af. Als lees- en dyslexiespecialist schrijf ik heel bewust in beeldende taal: dat je het door het lezen van een paar woorden voor je ziet. Dat vergt een juiste en specifieke woordkeuze. Het lijkt makkelijk, maar dat is het niet. Ik schreef ook veel beginnend lezen boeken… daar geldt dit helemaal. Ik schrijf dan: `Het is mooi weer.` en ga niet uitgebreid beschrijven hoe de zon schijnt. Bij volwassenen doe ik dat wel. En die afwisseling is fijn. Want ik houd van lezen en van taal.  

9. Jij en Loes den Hollander zijn elkaars proeflezers. Hoe is dat, en maakt dat het soms ook ingewikkeld?

Nou, niet altijd, hoor. Maar Vlijmscherp heeft ze, naast mijn man natuurlijk die al mijn boeken meeleest, inderdaad gelezen toen ik net klaar was. Je ziet dan zelf door de bomen het bos niet meer en moet even afstand nemen. Ik hecht veel waarde aan haar oordeel, dus ik was blij met haar spontane quote, want dat meent ze dan ook echt.

10. Welke vraag zou jij zelf graag aan onze clubleden willen stellen over ‘Vlijmscherp’?

Ik ben wel benieuwd of ze na het eerste deel van het boek al iets doorhebben wie wat heeft gedaan. En of ze de laatste alinea zagen aankomen 😊 Ik vind het zo leuk om lezers te verrassen, dus hoop ik dat het gelukt is.

11. Moeten we weer geduld hebben tot je volgende thriller, of borrelt er al een nieuw idee?

Op dit moment schrijf ik een jeugdthriller voor 12+. Als die af is (binnenkort), dan is er weer tijd voor een thriller voor volwassenen. Die moet zich dan wel eerst vormen in gedachten…. Maar er zijn al wat beelden opgedoken die erg interessant zijn. Dus wie weet gaat het sneller dan je denkt…

Heb je Vlijmscherp gelezen? Kun je dan een recensie voor me achterlaten op Hebban?

Liefs,

Marion